C. Buddingh’ – “The Hyena” – Translated from the Dutch By Matthew Ryan Shelton (2016) LRR, June 17, 2016June 17, 2017 Empirical Science has often shown a reputation up: the old Egyptians held him in high esteem, and Pliny held that the stone he carried in his eye, the hyena, laid under the tongue, would grant him sight, into the future. Alas, all he carries in his eye is a cockeyed look of hunger and alabandical brass. His eyes go yellow, having gorged himself on what leopard or what lion left him. He’s a tricky fucker, a grave robber. Nothing more. Nothing more? In the rst circus I ever saw was a cackle of hyenas. What it meant I never knew: but a man or a woman must have put up with them, must have cared for, must have spoken to, have fed, caressed, have loved them, even. Maybe. It seems to me an odd hobby, traveling around with a troupe-trained bunch of cadaverers: something like renting a room to an undertaker while dozens of beautiful girls beg for shelter. And anyway: even the scum of the earth wouldn’t choose his e gy for emblem. His photo is before me: a fawning sycophantic head, tail slavishly between the legs, half bent to ee or to accost, a bearing weaned of every pride or grace —— and yet, as his look trans xes mine, I growl: “So, cousin!” Original text: C. Buddingh’ “De Hyena” Empirische wetenschap laat van reputaties dikwijls weinig heel: de oude Egyptenaren vereerden hem hoog, en nog Plinius hield vol dat de steen die hij meedragen zou in zijn oog, de hyaenia, als hij onder de tong werd gelegd in de toekomst deed schouwen. Helaas, wat hij in zijn oog meedraagt is enkel een loensende blik van vraatzucht en achterbakse opdringerigheid; geel glanst zijn iris, ja: wanneer hij zich volschrokt met wat luipaard of wat leeuw aan aas voor hem achterliet. Een gluiperige bietser is hij, een lijkenopgraver, meer niet, Meer niet? in het eerste circus dat ik ooit zag, (Amar), was ook een hyena-nummer, wat het inhield weet ik niet meer: maar een man of een vrouw moet met ze zijn opgetrokken, ze hebben verzorgd, toegesproken, tee ten gegeven, geaaid, liefgehad zelfs misschien. Het lijkt me een vreemde hobby, rond te reizen met een troep gedresseerde kadaveropruimers: zo iets al een kamer verhuren aan een begrafenisdienaar, terwijl tientallen mooie meisjes om onderdrak vragen. En daarbij: zelfs de ergste beul koos zijn beeltenis niet graag tot embleem. Zijn foto ligt voor me: een kruiperig-inkennige kop, de staart slaafs tussen de poten, half gekromd om te vluchten of toe te sluipen, een houding gespeend van iedere erheid of gratie — en toch, als zijn blik zich zalvend aan de mijne vastzuigt, grom ik: ‘Zo, neef!’ This translation first appeared in the 2016 edition of Long River Review Related Poetry Translations c. buddingh'de hyenadutchlong river reviewmatthew ryan sheltonpoemsPoetrypoetsthe hyenatranslated workstranslationUConn